Vitamine C en verkoudheid

VITAMINE C EN VERKOUDHEID.

 

Er is veel te doen geweest over de bewering dat vitamine C verkoudheid zou kunnen genezen of voorkomen.

Het is een feit dat dit wel kan, alleen de details over het hoe en waarom zorgen soms voor verwarring.

Er zijn veel mensen die om de haverklap verkouden zijn. Voor hen is het voldoende om 5 tot 10 gram vitamine C per dag in te nemen. Dat is 5 tot 10 tabletten vitamine C van 1 gram per stuk. Het aantal verkoudheden zal jaarlijks drastisch afnemen tot misschien 2 of 3 per jaar.

Er zijn ook mensen die slechts een paar maal per jaar een lichte verkudheid oplopen. Voor hen is deze dosering ook een goed idee, maar deze paar verkoudheidjes zullen er vaak niet door verdwijnen. Voor hen is er het volgende regime, uitgevonden door Edme Regnier.

Bij het begin van een opkomende verkoudheid neemt men ieder uur 2 tabletten van 1 gram vitamine C in. Wanneer de verkoudheidsverschijnselen verdwijnen kan men op het dagelijkse regime van 5 tot 10 gram terugvallen. Wanneer de verschijnselen aanhouden moet men er nog een dag mee doorgaan. Het verkoudheidsvirus is dan namelijk nog niet verdwenen, maar onderdrukt. Pas na een paar dagen kan men de dosis verminderen. Het is mogelijk dat door deze hoge doseringen een dunne ontlasting ontstaat. Dit is niet erg, maar soms wel vervelend. Dan is de dosering hoog genoeg en kan die naar beneden.

Ieder uur 1 of 2 gram viramine C innemen is ook een goede remedie wanneer de verkoudheid al geheel onderweg is. De symptomen zoals vermoeidheid, keelpijn en algehele malaise zullen verdwijnen. Men kan gewoon doorwerken. Zelfs koorts wordt vaak vermeden. Secundaire infecties (zoals longontsteking) eveneens.

Het verdient aanbeveling om tevens een goed multivitamine preparaat ernaast in te nemen.

Vitamine C is niet duur en wanneer deze eenvoudige maatregel het verschil kan betekenen tusse slechte en goede gezondheid is er geen reden om dit niet te doen.

 

 

DR. PAULING EN VITAMINE C.

De interesse van tweevoudig Nobelprijswinnaar Linus Pauling voor vitamine, werd gewekt door Dr Irwin Stone, een biochemicus. Tijdens een lezing had Pauling gezegd in 1966 (hij was toen 65 jaar), dat hij nog 15 tot 20 jaar wilde leven. Stone schreef hem een brief waarin hij Pauling attendeerde op de grote vooruitgang die de biochemie had gemaakt op juist dit gebied van levensverlenging. Hij beschreef vooral de uitstekende werking van vitamine C om een gezond en lang leven te leiden. Dr. Pauling en zijn vrouw begonnen met het voorgeschreven regime van Dr Stone en naar eigen zeggen voelden Pauling en zijn vrouw zich na een tijdje veel beter. Ze merkten een opvallende verbetering in hun gevoel van welzijn. Bovendien bemerkten ze een sterke daling in hun aantal verkoudheden en hun ernst. Pauling nam 18 gram per dag.

Pauling raakte ern na 15 jaar studie van vitamine C ervan overtuigd dat de gemiddelde mens met de optimale inname van vitamine C alleen al, een toename in levensduur kan verwachten van 20 tot 25 jaar. En die jaren zijn gezonde jaren.

DE BETEKENIS VAN PAULING VOOR DE WETENSCHAP.

 

Pauling stond aan de basis van de gouden eeuw voor de scheikunde, als gevolg van zijn introduktie van de queantummechanica in de scheikunde. Na kennis te hebben genomen van de ideeen van Schrodinger, Bohr en Heisenberg, pastte hij deze ideeen toe op de verbindingen die atomen met elkaar maken en beschreef deze quantummechanische modellen in zijn klassieker ‘The nature of the chemical bond’.

In 1954 ontdekte hij de genetische oorzaak van sikkelcel anemie, een ziekte die vooral voorkomt in afrika.

Pauling bereikte voor het eerst bekendheid (voor sommigen beruchtheid) in 1962, toen hij de Nobelprijs voor de vrede kreeg.

Als vriend van Albert Einstein, eveneens pacifist, probeerde hij de bovengrondse kernproeven te stoppen, die toen door Amerika, Rusland en China oa. uitgebreid werden gedaan. Hij verzamelde 11.000 handtekeningen. In 1963 werd een pact getekend om voortaan de kernproeven ondergronds te houden, dit als direct gevolg van het protest van Pauling. Zijn protest was onderbouwd met goed cijfermateriaal. Als gevolg van de toegenomen straling  in de aardatmosfeer berekende Pauling een toename van 55.000 ongelukkig geboren kinderen en 500.000 meer misgeboorten, spontane abortussen en doodgeboren kinderen plus een toename van het aantal gevallen leukemie en botkanker.

Daarvoor, in de twintiger jaren, bracht hij de quantumfisica in de scheikunde. Hij schreef het standaard werk ‘The nature of the chemical bond’, waarin hij uiteenzette hoe atomen met elkaar verbindingen aangaan. Deze kennis behoort nog steeds tot de basiskennis van elke student scheikunde. De controverse hierover, die toen bestond, is nu onbegrijpelijk. Men is zelfs vergeten dat die ooit bestond, want de feiten spreken voor zich.

Begin 50er jaren ontstond een race naar de structuur van DNA. Eerder al had Pauling de helix-structuur van eiwitten overtuigend aangetoond. In Engeland waren Drs Watson en Crick met hetzelfde DNA probleem bezig. Watson en Crick wonnen de race met een aantal dagen.

In 1940 werd Pauling ziek. Een bepaalde nierziekte (ziekte van Bright) was voor de conventionele dokters een niet te genezen aandoening. Pauling nam contact op met een dokter die gespecialiseerd was in het toedienen van grote hoeveelheden vitamine C voor allerlei kwalen. Pauling werd 100 gram per dag toegediend. Na een korte tijd was hij genezen van deze dodelijke ziekte. Deze gebeurtenis moet natuurlijk voortdurend in zijn achterhoofd hebben meegespeeld.

Midden jaren zestig werd Pauling door Dr. Stone gewezen op het belang van vitamine C voor de gezondheid. Dit viel in vruchtbare bodem. Samen met zijn vrouw Ava besloot hij de proef op de som te nemen en dagelijks vitamine C in grammen in te nemen. Zij constateerden beiden een toegenomen gevoel van welzijn en een einde aan de verkoudheden die hen voortdurend plaagden. Pauling stortte zich op dit nieuwe onderzoeksgebied. Hij was toen 65 jaar. Tot zijn grote verrassing was er zeer veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de effecten van grote hoeveeleheden vitamine C. Zowel bij proefdieren als bij de mens. Hij maakte er een punt van om alle literatuur te bestuderen die over vitamine C verschenen was. Hij heeft jaren lang de bronnen bestudeerd en de klinische ervaringen van dokters die met vitamine C werkten bekeken. Het resultaat hiervan was het gedegen boekje: Vitamin C and the common cold uit 1970. Het kreeg de Phi Beta Kappa prijs voor het beste wetenschappelijke boek van het jaar.

In 1973 richtte hij het Linus Pauling Institute of Science and Medicine op.